SlimOnline Training

SlimOnline is een van de nieuwe producten van SlimSupport. 

Het is een online trainingsprogramma waarbij een individu of een groep mensen, bijvoorbeeld een team, afdeling of bedrijf, met behulp van een online verbinding (SKYPE) een aantal keren per week oefeningen doet op de werkplek. Dit heeft een aantal voordelen.

·        RSI klachten (ook wel KANS genoemd) en uitval worden verminderd en voorkomen

·        Het is erg efficiënt omdat er geen tijd verloren gaat

·        Gezamenlijk oefeningen doen werkt motiverend en verbindend

·        De instructeur doet de oefeningen live voor en kijkt hoe de deelnemers deze               uitvoeren en stuurt bij waar nodig

·        Deelnemers ervaren het als een leuk intermezzo

Het is een re-integratie- maar ook preventie-programma ter voorkoming van KANS (Klachten Arm Nek Schouder).  

Wat is KANS?

KANS staat voor Klachten aan Arm, Nek en Schouders een andere term voor deze klachten is RSI (Repetative Strain Injury)

Hoe ontstaat KANS?

Het menselijk lichaam is niet geschikt om gedurende een langere periode statisch werk te verrichten. KANS wordt vaak veroorzaakt door een combinatie van overmatig gebruik, voortdurend terugkerende bewegingen en een eenzijdige, belastende houding. Vermoeidheid en werkstress spelen hierbij een belangrijke rol.

Aantal controle punten tegen KANS:

Werkplek
1.     Stel de werkplek dagelijks in.
2.     Richt de werkplek optimaal in: denk aan de juiste stoelinstellingen, juiste werkhoogte, juiste kijkafstand en –richting en juiste plaatsing van toetsenbord en muis.
3.     Maak optimaal gebruik van de (variatie) mogelijkheden van de werkplek.

Werkwijze
1.     Werk vanuit een ontspannen houding. Gebruik de mogelijkheden van de stoel en steun de onderarmen af op bureau of armleuningen.
2.     Onderbreek de statische zithouding regelmatig door te bewegen. Loop eens naar collega’s toe in plaats van e-mail te gebruiken.
3.     Zoek afwisseling in zithouding of probeer eens staand te telefoneren of te overleggen met een collega.

Globale richtlijnen voor het instellen van de werkplek.

Stoel
1.     De zithoogte zo instellen dat de knieën een hoek maken van 90 graden waarbij de voeten plat op de grond staan.
2.     De zitdiepte zo instellen dat er een vuist past tussen knieholte en zitting.
3.     De rugleuning licht achterover laten neigen.
4.     De rugleuning zo hoog stellen dat de bolling van de rugleuning aansluit in de holling van de onderrug.
5.     De armleuningen zo instellen dat de onderarmen bij het ontspannen schouders goed worden ondersteund.

Bureau
1.     Het bureau is gelijk aan de armleuning hoogte.
2.     Toetsenbord en muis liggen zodanig op het bureau dat de armen ontspannen gesteund kunnen worden.

Beeldscherm
1.     De hoogte staat zo dat de bovenkant van het glas van het beeldscherm gelijk is aan ooghoogte
(bij niet blind type mag het beeldscherm ongeveer 10 cm lager staan)
2.     Het beeldscherm staat licht achterover gekanteld.
3.     Het beeldscherm staat recht voor de medewerker.

Werkhouding en werk techniek.

Met betrekking tot de werkhouding en werktechniek gaan we uit van een ‘basis werkhouding’. Vanuit deze ‘basishouding’ dient de medewerker zijn / haar werkhouding te variëren:

Zithouding
1.     Zithoogte t.o.v. de grond: optimaal steunvlak voeten (kniehoek ca. 90 graden)
2.     Zithoogte t.o.v. bureau: ontspannen schoudergordel (bovenarmen langs romp en ellebooghoek)
3.     Afstelling rugsteun: lenden van de rug (t.h.v. broekband) ondersteund door de bolling van de rugleuning
4.     Afstelling armleuningen: optimaal steunvlak onderarmen (ellebooghoek ca. 100-120 graden) bij ontspannen schoudergordel: op gelijke hoogte als bureaublad. Armen mogen ook op het bureau steunen, de armleuningen hoeven dan niet gebruikt te worden.
5.     Nek en hoofd in neutraalstand.

Typetechniek
1.     Bovenarm ontspannen naar beneden laten afhangen.
2.    Onderarmen laten steunen op armleuningen of bureaublad eventueel met ontspannen schoudergordel werken zonder ondersteunde onderarmen
      (dit wordt door slechts weinig mensen beheerst)
3.   Polsen in neutraal stand.
4.   Ontspannen vingers.
5.     Handen niet onnodig ‘in de aanslag’ houden.

Muistechniek

1.     Bovenarm ontspannen naar beneden laten afhangen.
2.     Onderarm laten steunen op de armleuning of het bureaublad.
3.     Pols in de neutraalstand.
4.     Muizen vanuit de hele arm, niet alleen vanuit de pols.
5.     Muis vóór in de hand houden.
6.     Vingers ontspannen op de muis houden.
7.     De hand niet onnodig op de muis laten rusten.